
Provincie: Amêd
Hoofdstad: Amêd (Diyarbekir)
Aantal inwoners: ± 1.250.000
Oppervlakte: ±100.000 M2
Amêd, ook wel Diyarbekir genoemd is een zeer oude stad, die al in 115 n.Chr. door de Romeinen werd veroverd en Amida werd genoemd.
In 638 kwam het onder de macht van het Arabische leger onder leiding van Bekir Bin Vail. Zo kreeg de stad de naam Diyar Bekir, wat district van Bekir betekent. Na veroveringen door de Sassanieden, Byzantijnen, Arabieren, Seldsjoeken, Ortokiden, Mongolen en Perzen kwam het via een vredesverdrag in 1515 toe aan de Ottomanen.
De Koerden hebben de naam Amed, die afgeleid is van Amida altijd aangehouden als naam van de stad. De stad Amêd wordt ook wel als het Parijs van het Oosten gezien.
De stad wordt omringd door een stadsmuur van 5,5 kilometer lang die dateert uit 297. Deze stadsmuur is gebouwd uit zwarte Basalt-stenen. Dit is een voorbeeld van militaire architectuur tijdens de middeleeuwen. Deze stadsmuur mag zich een van de grootste stadsmuren noemen. Het heeft zestien torens en vijf openingen. Amed heeft een rijke geschiedenis qua archeologie. Ook is het rijk aan architectonische gebouwen zoals: de Ulu Moskee, de Islamitische school Mesudiye, het Hasan Pasha bad, de Kasim Padisah Moskee, de Maagde Maria kerk en de Nebii Moskee in typisch Ottomaanse stijl. Deze laatste is erg interessant, vanwege de technische constructie die is toegepast om een toren boven vier dunne pilaren te bouwen. Deze toren wordt de Minaret met vier poten genoemd. Deze stad is ook bekend om zijn bekende rivier Tigris.

